| Rubens is de belangrijkste Vlaamse schilder van de 17de eeuw. Hij introduceerde een nieuwe flamboyante, barokke stijl, had een uitzonderlijk grote productie en beïnvloedde een hele generatie kunstenaars na hem.
Na zijn leertijd in Antwerpen reisde Rubens naar Italië, waar hij hofschilder van de hertog van Mantua werd. In 1608 keerde hij terug naar Antwerpen, omdat zijn moeder ernstig ziek was. Het bleek een gelukkig moment. De Tachtigjarige Oorlog (1568-1648) werd onderbroken door het Twaalfjarig Bestand (1608-1620) en Antwerpen kon opnieuw tot bloei komen.
De Rooms-Katholieke kerk, die inmiddels weer de officiële kerk was, wilde zich glorieuzer dan ooit presenteren. Tijdens de Vlaamse beeldenstorm waren veel kerkelijke kunstschatten verloren gegaan. Dit was het moment om ze te vervangen. En Rubens greep deze kans met beide handen aan. Zijn oeuvre bevat dan ook een groot aantal altaarstukken en religieuze werken. Verder schilderde hij mythologische voorstellingen en portretten, voor vorsten, stadsbesturen, patriciërs en kooplui.
Daarnaast had Rubens een politieke carrière. Landvoogdes Isabella belastte hem met verschillende vertrouwelijke, diplomatieke opdrachten. Rubens was dan ook geen gewoon schilder. Hij was een geleerde gentleman die zich in de hoogste kringen begaf.
|