print

| De stier van Potter is een begrip. Wat dit schilderij zo bijzonder maakt, is het feit dat Potter een alledaags onderwerp – een stier in de wei – op zo’n groot formaat heeft geschilderd en tegelijkertijd aandacht besteedde aan de kleinste details, van de vliegen rond de stierenrug tot het kikkertje op de voorgrond. Een dergelijke verheerlijking van vee is iets wat in de 17de eeuw alleen in Holland voorkwam.
Potter plaatste de stier prominent in het midden van het schilderij. Links voegde hij een boer, een koe en wat schapen toe. Rechts kijken we uit over een weiland waar nog meer vee graast. Hoog in de lucht hangt een leeuwerik. Aan de horizon, onder een donkere wolkenlucht, is nog net de torenspits van Rijswijk te zien. We bevinden ons hier dus even buiten Den Haag.
Potter was pas 21 jaar toen hij dit schilderij maakte. Het is veel groter dan zijn gebruikelijke werk. Waarschijnlijk was het een opdracht, maar onduidelijk is voor wie het schilderij bestemd was en waar het moest komen te hangen.
|
|
 |
| |
kunstenaar
Paulus
Potter |
titel
De stier |
datering
1647 |
materiaal
doek |
afmetingen
235,5 x 339 cm |
|
|
| |
|
Oog voor detail
Potter heeft deze grote voorstelling met grote precisie geschilderd. De beesten verschillen duidelijk van elkaar en allerlei kleine details trekken de aandacht.
De stier heeft een vochtige neus, grote glanzende ogen en stugge nekharen die overeind pieken. De huid van de koe is juist heel glad en het dier heeft lange wimpers. De schapen hebben typische kroeskrulletjes.
Op de voorgrond zit een kikker en even verderop ligt een grote koeienvlaai. De vliegen die rond de rug van de stier en de koe zwermen, zijn zo verraderlijk echt geschilderd dat museumbezoekers wel eens een moment hebben gedacht dat het echte vliegen zijn. |
|
|
Samengestelde stier
Van oudsher werd aangenomen dat Potter een bestaande stier heeft geportretteerd, maar niets blijkt minder waar te zijn. De verschillende onderdelen waar hij uit is opgebouwd, kunnen namelijk nooit aan één beest toebehoren.
• De halskwab en de horens zijn van een tweejarig beest. • Het gebit hoort bij een dier van vier jaar. • De schouders zijn breed, zoals van een volwassen stier. • De billen zijn die van een jong rund.
Ook de houding lijkt niet te kloppen. Zowel de schouders als de achterkant staan een beetje schuin, terwijl het middendeel recht staat. Zoiets is onmogelijk.
De stier is dus minder natuurgetrouw dan hij lijkt. Waarschijnlijk had Potter tekeningen gemaakt van verschillende dieren. Deze studies moet hij later gebruikt hebben bij het samenstellen van deze stier. |
|
|
Vergroting
Het schilderij was eerst kleiner van opzet. Het doek bood aanvankelijk net ruimte genoeg voor de stier alleen. Maar toen Potter het dier had uitgeschetst of zelfs al had geschilderd, bedacht hij zich en vergrootte het oppervlak door er aan de zijkanten en de bovenkant stukken linnen aan te zetten.
Wie goed kijkt, ziet de naden nog in het doek. Op deze aanvullingen schilderde hij links de boer, de koe en de schapen, en rechts het weiland met het overige vee. Waarom Potter van zijn oorspronkelijke idee afweek en voor een ander formaat koos, is niet bekend. |
|
|
Conservator Lea van der Vinde vertelt over De stier van Paulus Potter. Een bijzonder schilderij uit de collectie van het Mauritshuis, over een alledaags onderwerp.
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|