Frans Hals

Lachende jongen

1032 voorzijde
1032 detail signatuur
1032 achterzijde
1032 ingelijst
1032 voorzijde
1032 voorzijde

Frans Hals
Lachende jongen

1625 Te zien in Zaal 16

Deze vrolijk lachende jongen met pretogen en piekharen is geen portret, maar een ‘tronie’ – een studie van een lachend kind. Lachende figuren komen niet veel voor, het is een van de lastigste expressies om te schilderen.

De virtuoze Hals schilderde de jongen heel direct en spontaan, in opvallend vlotte penseelstreken. Toch wist hij precies wat hij deed. De brug van de neus van de jongen bijvoorbeeld, schilderde hij met een enkele, trefzekere veeg wit.

Technische details
1032 voorzijde

Frans Hals
Lachende jongen

1625 Te zien in Zaal 16

Verworven met steun van de Vereniging Rembrandt, het Prins Bernhard Cultuurfonds en de Stichting Vrienden van het Mauritshuis, 1968
Naar boven

Dit is de meest geslaagde lach uit de zeventiende-eeuwse Hollandse schilderkunst: een volle ontwapenende lach van een jongetje, in losse penseelstreken geschilderd door Frans Hals. Onbeschaamd toont de jongen zijn allesbehalve hagelwitte tanden. Zijn warrige haardos, ook met snelle streken opgezet, versterkt het onbevangen plezier dat van dit schilderij afstraalt. Voor de moderne toeschouwer - maar ongetwijfeld ook voor de zeventiende-eeuwse - is het bijna onmogelijk om niet even naar hem terug te lachen, zo aanstekelijk werkt zijn vrolijkheid.

De Lachende jongen is geen portret. Hals heeft hier geen gelijkenis van een bestaande jongen willen vervaardigen, maar heeft zich vooral gericht op het vastleggen van de spontane lach. De lach is een bijzonder moeilijke expressie om te verbeelden, zoals bij andere kunstenaars ook wel te zien is. Een geschilderde lach doet al snel gekunsteld aan; soms is er zelfs sprake van een grimas waar een schaterlach bedoeld is. Maar Hals’ opmerkelijke observatietalent en zijn onnavolgbare schilderstijl, maakten dat hij op dit terrein met kop en schouders boven zijn collega-schilders uitstak.

Hals heeft meer lachende jongens en meisjes geschilderd. Soms als onderdeel van een zintuigenreeks. Deze schilderijen waren erg populair, getuige het flinke aantal kopieën dat ernaar gemaakt is. Bijzonder is dat Hals ook lachende mensen geportretteerd heeft. Heel anders dan tegenwoordig lieten mensen zich in de zeventiende eeuw praktisch nooit lachend afbeelden. Maar aan een kunstenaar die het uitbeelden van expressie zo goed beheerste, kon men zo’n afwijkende wens wel toevertrouwen. Toch, een lach zo breed en uitbundig als op de Lachende jongen is ook op Hals’ portretten nergens terug te vinden.

(dit is een bewerkte versie van een tekst gepubliceerd in: L. van der Vinde, Kinderen in het Mauritshuis, Den Haag 2007, pp. 44-45)

Detailgegevens

Algemene informatie
Frans Hals (Antwerpen 1582/1583 - 1666 Haarlem)
Lachende jongen
1625
schilderij
1032
Zaal 16
Materiaal en technische gegevens
olieverf
paneel
30,45 cm diameter
Opschriften
linksonder, boven de schouder: FHF
ineen

Herkomst

Albert, baron von Oppenheim, Keulen, vóór 1876-1912; zijn veiling, Berlijn (Lepke), 27 oktober 1914, verschoven naar 19 maart 1918, nr. 16; Marie-Anne Friedländer-Fuld, barones de Goldschmidt-Rothschild, Berlijn en Parijs, 1918-1968; verworven met steun van de Vereniging Rembrandt, het Prins Bernhard Cultuurfonds en de Stichting Vrienden van het Mauritshuis, 1968