Gabriël Metsu

Een jonge vrouw die muziek schrijft

94 voorzijde
94 detail signatuur
94 achterzijde
94 ingelijst
94 voorzijde
94 voorzijde

Gabriël Metsu
Een jonge vrouw die muziek schrijft

1664 Te zien in Zaal 15

Dit schilderij vormt een hoogtepunt in het oeuvre van Metsu, een meester in het weergeven van stoffen en materialen. We zien een jonge vrouw die een lied schrijft, terwijl een man over haar schouder meekijkt en een andere vrouw op haar luit speelt. Dat instrument zou kunnen verwijzen naar harmonie in een gelukkig huwelijk. Als tegenwicht daarvoor hangt boven de haard een schilderij met een schip in een woeste zee – een zinspeling op de wisselvalligheid van de liefde?

Technische details

Luister en ontdek meer over dit schilderij

Mauritshuis - algemene audiotour
Mauritshuis - Algemene audiotour
Mauritshuis Perspectief
  • Mauritshuis

    Algemene audiotour

Alle audiofragmenten

  • Mauritshuis

    Algemene audiotour

    Mauritshuis Perspectief
Mauritshuis &
Wim Pijbes - Oud directeur Rijksmuseum
Wim pijbes Maurits&
  • Wim Pijbes

    Oud directeur Rijksmuseum

Alle audiofragmenten

  • Wim Pijbes

    Oud directeur Rijksmuseum

    Wim pijbes Maurits&
94 voorzijde

Gabriël Metsu
Een jonge vrouw die muziek schrijft

1664 Te zien in Zaal 15

Naar boven

Detailgegevens

Algemene informatie
Gabriël Metsu (Leiden 1629 - 1667 Amsterdam)
Een jonge vrouw die muziek schrijft
1664
schilderij
94
Zaal 15
Materiaal en technische gegevens
olieverf
paneel
57,8 x 43,3 cm
Opschriften
rechts, boven de deur: G. Metsu
laatste vier letters sleets

Herkomst

Govert van Slingelandt, Den Haag, na 1752-1767; zijn weduwe, Agatha Huydecoper, Den Haag, 1767-1768; veiling Van Slingelandt, Den Haag, 18 mei 1768 (Lugt 1683), nr. 18; de gehele verzameling verkocht aan prins Willem V; prins Willem V, Den Haag 1768-1795; in beslag genomen door de Fransen, overgebracht naar het Muséum central des arts/Musée Napoléon (Musée du Louvre), Parijs, 1795-1815; Koninklijk Kabinet van Schilderijen, gehuisvest in de Galerij Prins Willem V, Den Haag, 1816; overgebracht naar het Mauritshuis, 1822