Een koopje
Het Meisje met de parel werd in 1881 te koop aangeboden op een veiling in Den Haag. De signatuur was toen niet meer te lezen en niemand wist dat het een Vermeer was. Toch trok het schilderij de aandacht van Victor de Stuers, een invloedrijke cultuurambtenaar, die daar samen met zijn vriend en buurman, de kunstverzamelaar A.A. des Tombe, was. Zij vonden het schilderij interessant en spraken daarom af om bij de veiling niet tegen elkaar op te bieden.
Zo verwierf Des Tombe Het meisje voor twee gulden plus dertig cent opgeld (ongeveer één euro). Bij de restauratie die volgde, kwam de signatuur tevoorschijn. Toen pas wist Des Tombe zeker dat hij voor een luttel bedrag een echte Vermeer had gekocht.
Bij zijn overlijden in 1902 bleek Des Tombe per geheim testament twaalf schilderijen aan het Mauritshuis te hebben nagelaten, waaronder Het meisje met de parel.
|