Jan Steen

Dansende boeren bij een herberg

553 achterzijde
553 ingelijst
553 voorzijde
553 voorzijde

Jan Steen
Dansende boeren bij een herberg

c. 1646-1648 Niet te zien

Naar boven

Dit is een van de vroegste schilderijen van Jan Steen. Het kan gedateerd worden in de periode dat hij in Leiden woonde of net in Den Haag, waarheen hij omstreeks 1649 verhuisde. In een landschap met een kerk in de achtergrond dansen vier vrolijke boeren in een kring voor een herberg, terwijl ze door een vioolspeler op een houten ton worden begeleid. Om hen heen zitten andere boeren uitgelaten te drinken, te roken en te praten. Links vooraan ligt er eentje met opengezakte mond te slapen. Op de voorgrond besnuffelen twee honden elkaar. Rechts wordt een vrouw op een bankje door een man richting het groepje dansende boeren getrokken, terwijl een andere man haar stevig vasthoudt. De hof voor de herberg wordt door een pergola met bladeren overdekt. Dit motief keert vaker terug in Steens oeuvre.

Hier en in andere vroege werken is de invloed van Adriaen en Isack van Ostade, die vooral boerenscènes schilderden, zichtbaar. Bovendien heeft Steen gekeken naar prenten met boeren en kermissen naar ontwerp van Pieter Bruegel de Oude. Het landschap in de achtergrond is ondertekend in krullerige halen die herinneren aan de stijl van Steen’s schoonvader Jan van Goyen (zie Technical Notes)1, wiens dochter Grietje hij in 1649 trouwde

Detailgegevens

Algemene informatie
Jan Steen (Leiden 1626 - 1679 Leiden)
Dansende boeren bij een herberg
c. 1646-1648
schilderij
553
Materiaal en technische gegevens
olieverf
paneel
57,5 x 40,2 cm
Opschriften
linksonder: JSteen
onduidelijk

Herkomst

Mogelijk Maria Beukelaar; haar veiling, Den Haag, 19 april 1742 (Lugt 781), nr. 125 (16 gulden en 50 cent); Nicolaas van Bremen, Den Haag; zijn veiling, Den Haag, 3-4 april 1769 (Lugt 1749), nr. 128 (35 gulden); J.A.A. de Lelie, Amsterdam; zijn veiling, Amsterdam, 29 juli 1845 (Lugt 17870), nr. 20 (415 gulden); W. Gruyter, Amsterdam; zijn veiling, Amsterdam, 24 oktober 1882 (Lugt 42268), nr. 106 (15 gulden); Hermann Wirz, Keulen; zijn veiling, Keulen, 20 mei 1890 (Lugt 49148), nr. 13 (als door Pieter de Bloot; voor 920 mark aan Bredius); Abraham Bredius, Den Haag, 1890-1946 (in langdurig bruikleen aan het Mauritshuis, sinds 1890); legaat van Abraham Bredius, 1946